Uw eerste kunstgebit aanmeten

Als uw gebit langzamerhand getrokken wordt, raakt u meestal het eerst de kiezen kwijt. Zijn er op een gegeven moment teveel kiezen getrokken of gaan er ook tanden ontbreken, dan kunt u niet meer goed eten en praten. In dat geval bent u toe aan uw eerste kunstgebit. Heeft u nog eigen tanden en/of kiezen die behouden kunnen blijven, dan kan de tandarts bij u een gedeeltelijk kunstgebit aanmeten. Zijn uw overgebleven tanden en kiezen te slecht, dan wordt er vaak besloten om de rest van het gebit te trekken en aan een volledig kunstgebit te beginnen. In dit artikel leggen we uit hoe dat in zijn werk gaat en wat u die eerste periode kunt verwachten.

Een kunstgebit aanmeten na het trekken van de tanden

Het eerste kunstgebit dat u krijgt, is eigenlijk een tijdelijk noodgebit: het voldoet voor de eerste periode, maar past nog niet optimaal. Dat komt omdat de kaak na het verlies van uw tanden en kiezen gaat slinken. Het kaakbot heeft namelijk geen wortels meer om vast te houden en wordt daardoor kleiner. Het duurt ongeveer drie maanden voordat dit proces stopt en de kaak zijn nieuwe vorm heeft. De tandarts of tandprotheticus moet het kunstgebit echter wel aanmeten op basis van uw eigen tanden. Nog voor het trekken van de laatste tanden en kiezen worden er afdrukken gemaakt om de vorm, kleur en beet te bepalen. Het eerste kunstgebit zal dus nooit de pasvorm hebben van een kunstgebit dat aangemeten is op een kaak die al lang tandeloos is. Goed om te weten:

  • Na een aantal maanden wordt het eerste kunstgebit aangepast, zodat het wat beter zit.
  • Meestal wordt het kunstgebit aanmeten na een jaar herhaald. U krijgt dan een tweede kunstgebit dat een optimale pasvorm heeft.

De eerste maanden met een nieuw gebit

Het kunstgebit wordt direct na het trekken van de tanden en kiezen geplaatst. De eerste paar dagen, zolang de wonden nog open zijn, is het eerste kunstgebit een mooi wondverband. Daarom wordt u geadviseerd om de eerste paar dagen het gebit ook ’s nachts in te houden. De eerste maanden met uw nieuwe kunstgebit zijn niet altijd even makkelijk. In het begin zullen de wonden nog wat pijn doen en kunnen er drukplekken ontstaan. Daarnaast moet u leren eten en praten met een kunstgebit dat voor uw gevoel niet in uw mond hoort. Na verloop van tijd gaat de pijn weg omdat de kaken genezen, maar gaat het kunstgebit ook steeds losser zitten naarmate de kaken slinken. Hierdoor kunnen praten en eten met het kunstgebit weer lastiger worden.

Help, mijn nieuwe kunstgebit zit niet lekker!

Een eerste kunstgebit is altijd vervelend, maar laat u daardoor niet uit het veld slaan. Na de eerste drie maanden zal het beter gaan! Een paar tips om deze vervelende periode zo goed mogelijk door te komen:

  • Heeft u veel pijn, ga dan langs de tandarts of tandprotheticus. Deze kan eventuele knelpuntjes of scherpe randjes weghalen zodat de pijnklachten verminderen.
  • Paracetamol kan de ergste pijn verlichten.
  • Blijf oefenen met eten en praten, dat is de snelste manier om aan uw nieuwe kunstgebit te wennen.
  • Blijf uw kunstgebit dragen, ook al doet het pijn. Als u uw gebit vaak uitdoet, kunnen de kaken sneller slinken en went u minder snel aan het dragen van het gebit. Even doorbijten dus!

In uitzonderlijke gevallen zijn de pijnklachten en/of andere klachten in de mond het gevolg van een kunstgebitallergie. In dat geval kan de tandarts een allergievrije prothese laten maken. Ga dus naar de tandarts als u last blijft houden van klachten of als u last krijgt van hevige overgevoeligheidsreacties.

Uw kunstgebit ’s nachts uitdoen en verzorgen

Na een paar dagen kunt u uw kunstgebit ’s nachts uitleggen. Voor de kaken is het beter als u zich niet aanwent om uw kunstgebit ’s nachts te dragen. Verzorg uw kunstgebit goed, ook al is het maar een tijdelijk noodgebit. Het beste is om de prothese te poetsen met een speciale protheseborstel (aff.) en prothesereiniger (aff.). Volg daarbij alle tips om het kunstgebit te reinigen. Houd ook uw mondholte goed schoon; dit voorkomt tandvleesontstekingen en een slechte adem.

Tijdelijke oplossing als het kunstgebit los gaat zit

Als uw kunstgebit te los gaat zitten, wordt het praten en eten lastig. Zolang de kaken nog slinken is het echter niet raadzaam om het kunstgebit te laten aanpassen. Wel zijn er andere, tijdelijke oplossingen die het ongemak kunnen verlichten:

  • Kleefpasta kan helpen om de ruimte tussen het kunstgebit en de kaak op te vullen zodat het kunstgebit beter blijft zitten.
  • De tandarts kan een zogenaamde tissue conditioner aanbrengen in het kunstgebit. Dat is een zachtblijvend laagje dat enkele weken blijft zitten. Deze oplossing is ideaal voor als de kaak nog erg gevoelig is en het kunstgebit (erg) los zit.
  • De tandarts kan in het kunstgebit een voering aanbrengen. Deze kunsthars is wat poreuzer dan de kunsthars waar uw kunstgebit normaal gesproken van gemaakt is. Dit materiaal kan lang blijven zitten, soms zelfs jaren.

Rebasing: kunstgebit aanpassen na drie maanden

Na ongeveer drie maanden zijn de kaken qua vorm stabiel genoeg en kan de tandarts een rebasing uitvoeren: uw eerste gebit wordt aangepast aan de nieuwe vorm van uw kaken. Hierbij wordt er met uw eerste kunstgebit als afdruklepel een afdruk gemaakt van de kaak en wordt het gebit naar het laboratorium gestuurd. Afhankelijk van de behandelaar bent u het gebit een dagdeel tot een dag kwijt. Met deze rebasing wordt uw prothese voorzien van een hele nieuwe basis, zodat een volledig nieuw kunstgebit aanmeten nog even uitgesteld kan worden. De tanden in het kunstgebit blijven wel hetzelfde, daar gebeurt niets mee.

Na een jaar: definitief kunstgebit aanmeten

Ook na drie maanden zullen de kaken blijven slinken; dat proces gaat uw hele leven door. Het eerste jaar wat meer, in de loop van de tijd zal het steeds langzamer gaan. Daarom zal een eerste kunstgebit minder lang meegaan dan wanneer u al jarenlang een kunstgebit draagt. Na ongeveer een jaar kan de tandarts een nieuw kunstgebit aanmeten. U krijgt dan een geheel nieuwe prothese. Vaak is dat echter nog niet nodig als er een rebasing is gedaan. Het aanmeten van een tweede kunstgebit kan dan een poosje worden uitgesteld.

Bronnen en referenties